Het college stelt beleid vast waarin staat beschreven hoe zorg
wordt gedragen voor een rechtmatige en doelmatige uitvoering van
de wet, waaronder de bestrijding van fraude, misbruik en
oneigenlijk gebruik van de wet.
Het college hanteert de volgende beleidskaders voor het
voorkomen en opsporen van fraude:
a) het vroegtijdig informeren van cliënten over rechten, plichten en
handhaving;
b) het optimaliseren van de dienstverlening
c) vroegtijdige detectie en afhandeling van fraudesignalen;
d) bij geconstateerde fraude daadwerkelijk sanctioneren (afstemmen van
de uitkering).
3.Het college beschrijft in een onderzoeksplan tenminste:
a) de wijze van controle bij de aanvraag, de voortzetting en bij
beëindiging van de bijstand;
b) het gebruik van signaal- en risicosturing bij de beoordeling van het
recht op bijstand.
c) De uitvoering van onderzoeken en bestandsvergelijkingen waarbij
actuele gegevens worden gecontroleerd.
Paragraaf 2:
Artikel 2
– Opdracht aan het college
Onderdeel van Handhavingsverordening Wet werk en bijstand/Wet investeren in Jongeren