Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6 › Paragraaf 6.2

Artikel 6.2.2

Scootmobiel

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Bergen (L) 2019

Een scootmobiel is bedoeld voor vervoer op de korte en middellange afstanden en kan ook worden gebruikt als aanvulling op het collectief vervoer. Wij verstrekken geen scootmobiel als tijdens het onderzoek naar de ondersteuningsvraag blijkt dat een aanwezige rolstoel hiervoor een goed alternatief is. Bij twijfel betrekken wij het oordeel van een deskundige, bijvoorbeeld een ergotherapeut bij het onderzoek. Het verstrekken van een scootmobiel kan aan de orde zijn indien voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: Er is sprake van een substantiële vervoersbehoefte in de directe omgeving van de woning in het kader van het leven van alle dag, bijvoorbeeld boodschappen doen, familie bezoeken, deelnemen aan hobby/vrijetijdsbesteding De cliënt kan maximaal ca. 100 meter lopen Men is voornemens de scootmobiel regelmatig te gebruiken De cliënt heeft voldoende verkeersinzicht om zich op een veilige en verantwoorde wijze aan het dagelijkse verkeer deel te nemen Er is sprake van een vervoersbehoefte bestaande uit een regelmatige verplaatsingsbehoefte In principe verstrekken wij scootmobielen met een actieradius van 20 km en een snelheid van maximaal 10 km/uur omdat de scootmobiel bedoeld is voor korte en middellange afstanden. Voor de inzet van een snellere scootmobiel met een grotere actieradius is een motivatie vereist waarom er grotere afstanden afgelegd worden met de scootmobiel, bijvoorbeeld regelmatige vervoerbewegingen met een afstand groter dan 10 km enkele reis. Voor recreatief gebruik is in principe de maximale actieradius van 20 km en een snelheid van 10 km/uur voldoende.

Rechtspraak bij dit artikel