Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2.

Artikel 4.

Ordemaatregelen

Onderdeel van Beheersverordening begraafplaats 2010

1. Bezoekers, personeel van uitvaartondernemingen en personen die werkzaamheden op de begraafplaats hebben te verrichten, zijn verplicht zich in het belang van de orde, rust en netheid te houden aan de aanwijzingen van de beheerder. 2. De beheerder kan personen die zich niet aan de in het eerste lid bedoelde aanwijzing houden van de begraafplaats verwijderen of laten verwijderen. 3. Het is verboden met motorrijtuigen op de begraafplaats te rijden: a.elders dan op de daartoe aangewezen rijwegen; motorrijtuigen zijn buiten de rijwegen (slechts) toegestaan voor begrafenissen of voor het vervoer van materialen; b.sneller dan 10 km per uur. 4. Het is op de begraafplaats verboden om: a.buiten de verharde paden te (brom)fietsen, dan wel (brom)fietsen aan de hand mee te voeren; b.honden of andere dieren mee te nemen; c.op de graven te lopen of te zitten en gereedschappen of andere niet tot de graven behorende voorwerpen neer te leggen; d.een eigen zitgelegenheid te creëren; e.bloemen of andere waren te koop aan te bieden of hiervoor reclame te maken; f.as te verstrooien of andere vormen van lijkbezorging te bezigen. 5. Het college kan ontheffing verlenen van de verboden, bedoeld in de aanhef, onder a van het derde lid en a t/m f van het vierde lid.

Rechtspraak bij dit artikel