Het onder I. genoemde verbod niet te laten gelden voor:
een terras dat deel uitmaakt van een inrichting, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Drank- en Horecawet;
de plaats, niet zijnde een inrichting, als bedoeld onder a, waarvoor een ontheffing geldt krachtens artikel 38, tweede lid, van de Drank- en Horecawet.