**1..** De commissie wijst uit haar midden een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter aan.
**2..** De voorzitter zorgt voor handhaving van de orde in de vergadering van de commissie en is bevoegd, wanneer die orde op enigerlei wijze wordt verstoord, hen die dit doen of alle toehoorders te doen vertrekken.
**3..** Hij kan de commissie voorstellen aan een lid, dat door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert voor de eerste maal voor de dag, waarop het besluit genomen wordt en bij herhaling voor een bepaalde tijd, maar niet langer dan drie vergaderingen, de toegang tot de vergadering te ontzeggen. Over dit voorstel wordt niet beraadslaagd. Bij aanneming moet het lid de vergadering onmiddellijk verlaten. Bij weigerachtigheid doet de voorzitter het lid verwijderen.
**4..** Indien aan een lid de toegang tot de vergadering is ontzegd, wordt hij van de presentielijst afgevoerd.
**5..** De voorzitter draagt zorg voor een spoedige afdoening van zaken.