**1..** Het college kan een voorziening beëindigen:
indien de belanghebbende die aan de voorziening deelneemt zijn verplichting als bedoeld in de artikelen 13 en 37 van de IOAW/IOAZ niet nakomt;
indien de belanghebbende die deelneemt niet meer behoort tot de doelgroep;
indien de belanghebbende algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt, waarbij niet volledig gebruik wordt gemaakt van deze voorziening;
indien naar het oordeel van het college de voorziening onvoldoende bijdraagt aan een snelle arbeidsinschakeling.
**2..** Bij uitvoeringsbesluit kan het college ten aanzien van de voorzieningen, bedoeld in de artikelen 11 tot en met 22, nadere regels stellen.
HOOFDSTUK 2 › PARAGRAAF 1
Artikel 10
Algemene bepalingen over voorzieningen
Onderdeel van Verordening IOAW en IOAZ