Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag houtopstand te vellen of te doen vellen.
Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor:a. houtopstanden binnen de bebouwde kom, achter de voorgevelrooilijn, waarbij de volgende uitzonderingen gelden:- het in het eerste lid gestelde verbod blijft van kracht voor die houtopstanden achter de voorgevelrooilijn, die zich tussen een naar de weg gekeerde zijgevelrooilijn en de weg bevinden;- het in het eerste lid gestelde verbod blijft van kracht voor de houtopstanden in de lintbebouwing langs de Oude Rijksweg en de Gemeenteweg, zoals aangegeven in het bestemmingsplan Oude Rijksweg-Gemeenteweg , vastgesteld op 31 januari 1989 en de houtopstanden bij alle andere rijks- en gemeentelijke monumenten.b. wegbeplantingen en eenrijige beplantingen op of langs landbouwgronden, beide voorzoverc. bestaande uit niet-geknotte populieren of wilgen;d. vruchtbomen en windschermen om boomgaarden in de zin van de Boswet;e. fijnsparren, niet ouder dan 12 jaar, bestemd om te dienen als kerstbomen en geteeld op daarvoor in het bijzonder bestemde terreinen;f. kweekgoed;g. houtopstand die deel uitmaakt van als zodanig bij het Bosschap geregistreerdeh. bosbouwondernemingen en gelegen is buiten een bebouwde kom, tenzij de houtopstand eeni. zelfstandige eenheid vormt die:j. ofwel geen grotere oppervlakte beslaat dan 10 are;k. ofwel bestaat uit rijbeplanting van niet meer dan 20 bomen, gerekend over het totale aantal rijen.l. houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantenziektewet of krachtens eenm. aanschrijving of last van het college, zulks onverminderd het bepaalde in artikel 4:11f;n. het kappen van dode bomen;o. het periodiek knotten of kandelaberen als cultuurmaatregel bij daar voor geschikte boomsoorten;p. het kappen van schubconiferen.
Hoofdstuk 4 › Afdeling 3
Artikel 4:11
Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening