Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1

Begripsomschrijving

Onderdeel van Maatregelenverordening Wet Werk en Bijstand

In deze verordening wordt verstaan onder: a. De wet: de Wet werk en bijstand (WWB); b. Algemene bijstand: de bijstand bedoeld in artikel 5, onderdeel b, van de wet; c. Bijzondere bijstand: de bijstand bedoeld in artikel 5, onderdeel d, van de wet; d. Bijstand: algemene en bijzondere bijstand; e. Bijstandsnorm: de bijstandsnorm bedoeld in artikel 5, onderdeel c, van de wet; f. Langdurigheidtoeslag: de langdurigheidtoeslag bedoeld in artikel 5, onderdeel e, van de wet; g. Maatregel: het verlagen van de bijstand of de langdurigheidtoeslag op grond van artikel 18, tweede lid, van de wet; h. Benadelingbedrag: het nettobedrag aan bijstand dat ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend; i. Plicht tot arbeidsinschakeling: de verplichtingen genoemd in artikel 9, eerste lid onder a en b van de WWB; j. Tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening van het bestaan: het verrichten van handelingen door belanghebbende dan wel het nalaten van daarvan waardoor een onnodig beroep op de bijstand wordt gedaan; k. Inlichtingenplicht: de verplichtingen genoemd in artikel 17, eerste, tweede en vierde lid van de WWB en de artikelen 28, tweede lid en 29, eerste lid van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen (SUWI); l. Aanvullende verplichtingen: de, overige, aan de bijstand verbonden verplichtingen gebaseerd op de artikelen 55, 56 eerste lid en 57 onder a van de WWB alsmede de individueel opgelegde verplichtingen die in de beschikking en het door de gemeente en belanghebbende ondertekende trajectplan zijn opgenomen; m. Het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Staphorst Artikel 2 Het opleggen van een maatregel 1. Wanneer de belanghebbende naar het oordeel van het college verplichtingen die de WWB en de Wet SUWI aan de bijstand verbindt niet of onvoldoende nakomt, wordt overeenkomstig deze verordening een maatregel opgelegd. 2. De maatregel wordt afgestemd op de ernst van de gedraging, de mate waarin de belanghebbende de gedraging kan worden verweten en de omstandigheden waarin hij verkeert.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel