**1.** In beleidsregels wordt vastgelegd welke voorzieningen het college in ieder geval kan aanbieden evenals de voorwaarden die daarbij gelden voor zover daarover in deze verordening geen nadere bepalingen zijn opgenomen.
**2.** Het college kan, in aanvulling op de verplichtingen die voortvloeien uit de wet en deze verordening, aan een voorziening nadere verplichtingen verbinden.
**3.** Het college kan een voorziening beëindigen:
a. Indien de persoon die aan de voorziening deelneemt zijn verplichtingen niet nakomt;
b. Indien de persoon die deelneemt niet meer behoort tot de doelgroep van de wet;
c. Indien de persoon algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt, waarbij geen gebruik wordt gemaakt van deze voorziening;
d. Indien naar het oordeel van het college de voorziening onvoldoende bijdraagt aan een snelle arbeidsinschakeling.
**4.** Bij uitvoeringsbesluit kan het college ten aanzien van de voorzieningen nadere regels stellen. Deze regels kunnen in ieder geval betrekking hebben op:
a. De voorwaarden waaronder een voorziening wordt aangeboden;
b. De weigeringgronden bij het aanbieden van voorzieningen;
c. De intrekking of wijziging van de subsidieverlening of subsidievaststelling;
d. De aanvraag, van en de besluitvorming over subsidies en premies;
e. De betaling van subsidies en het verlenen van voorschotten;
f. Het vragen van een eigen bijdrage;
g. Overige criteria voor het aanbieden van voorzieningen en het verstrekken van subsidies.
Paragraaf 3
Artikel 7
Algemene bepalingen over voorzieningen
Onderdeel van Reïntegratieverordening Wet Werk en Bijstand