**1.** Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g. onderdeel
5 en 6 van de wet kan voor een voorziening als bedoeld in artikel 15
onder a. in aanmerking worden gebracht wanneer aantoonbare
beperkingen als gevolg van ziekte of gebrek het normale gebruik van
de woning belemmeren.
**2.** Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g. onderdeel
5 en 6 van de wet kan voor een voorziening als bedoeld in artikel 15
onder b. en c. in aanmerking worden gebracht wanneer de in het
eerste lid genoemde voorziening niet mogelijk is of niet de
goedkoopst adequate voorziening is.
**3.** Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g. onderdeel
5 en 6 van de wet kan voor een voorziening als bedoeld in artikel
15, onder d. in aanmerking worden gebracht wanneer sprake is van een
op basis van aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek
aanwezige gedragsstoornis met ernstig ontremd gedrag tot gevolg,
waarbij alleen het zich kunnen afzonderen kan leiden tot een
situatie waarin deze persoon tot rust kan komen.