De commissie bestaat uit drie kamers, te weten:- de kamer
Samenlevingszaken;- de kamer Ruimtelijke en overige zaken;- de Personele
kamer.
Iedere kamer bestaat uit vier leden en een voorzitter.
Iedere kamer wijst een plaatsvervangend voorzitter aan.
Een voorzitter van
een kamer kan beslissen, na overleg met de voorzitter van een andere
kamer, de behandeling van een bezwaarschrift aan die andere kamer over
te dragen.
[ Overgangsrecht is opgenomen in de 2e wijziging van de Verordening
inzake de behandeling van bezwaar- en beroepschriften en luidt: de
vermindering van het aantal leden als gevolg van het bepaalde in artikel
4 wordt bereikt via natuurlijk verloop]