Naar hoofdinhoud
1. Het college verleend geen subsidie indien:a. met het treffen van de voorzieningen het belang van de monumentenzorg niet of in onvoldoende mate wordt gediend;b. de kosten van de voorzieningen niet in een redelijke verhouding staan tot het te bereiken resultaat;c. met het treffen van de voorzieningen is begonnen voordat de aanvrager een subsidiebeschikking heeft ontvangen;d. voor de te treffen voorzieningen een monumentenvergunning is vereist en deze niet is verleend;e. wanneer door toekenning van de subsidie het subsidieplafond zou worden overschreden. 2. 2. In bijzondere gevallen kan het college afwijken van het bepaalde in het eerste lid, onder c.

Rechtspraak bij dit artikel