Naar hoofdinhoud

Artikel 2.2

samenstelling rekenkamer

Onderdeel van Verordening Rekenkamer gemeente Tiel 2008

1.. Aan de gemeentelijke rekenkamer wordt leiding gegeven door de directeur rekenkamer, die door de raad van buiten de kring van zijn leden wordt aangewezen op voordracht van het presidium voor een periode van vier (4) jaar; deze directeur kan door de raad een keer worden herbenoemd. 2.. De directeur rekenkamer is niet ondergeschikt aan de raad, het college van burgemeester en wethouders of enig ander gemeentelijk gezag. 3.. De directeur gemeentelijke rekenkamer is geen ambtenaar in de zin van het ambtenarenreglement voor zover dit ondergeschiktheid impliceert. 4.. Alvorens zijn functie te aanvaarden legt de directeur rekenkamer in handen van de voorzitter van de raad de eed of belofte af:“Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot directeur rekenkamer benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gunst heb gegeven of beloofd.Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of belofte heb aangenomen of zal aannemen.Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als directeur rekenkamer naar eer en geweten zal vervullen. Zo waarlijk helpe mij God Almachtig!(Dat verklaar en beloof ik!)” 5.. Ten minste drie (3) maanden voorafgaande aan de afloop van de onder het eerste lid genoemde benoemingsperiode maakt het presidium aan de gemeenteraad kenbaar een voorstel tot al dan niet herbenoeming van de directeur rekenkamer te zullen voorleggen. De gemeenteraad besluit ten minste één (1) maand voor afloop van de benoemingsperiode.

Rechtspraak bij dit artikel