1. Een ambtenaar verleent op verzoek van de griffier of de
secretaris ambtelijke bijstand tenzij:
het raadslid niet aannemelijk heeft gemaakt dat de bijstand
betrekking heeft op de werkzaamheden van de raad;
dit het belang van de gemeente kan schaden;
2. De secretaris beoordeelt of ambtelijke bijstand op grond van het
eerste lid geweigerd wordt.3. Indien de bijstand op grond van het
eerste lid wordt geweigerd deelt de secretaris dit met redenen
omkleed mee aan de griffier en aan het raadslid dat het verzoek
heeft ingediend.
Afdeling 1
Artikel 2
Artikel 2
Onderdeel van Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning 2003.