Indien aflossing van de lening op basis van een levensverzekering
plaatsvindt, gelden mede de volgende bepalingen:
Uit de levensverzekering dient naar redelijke verwachting een
uitkering te ontstaan, waaruit op de einddatum van de lening het
schuldrestant kan worden afgelost.
Aan de gemeente worden alle rechten voortspruitend uit de
gesloten levensverzekering overgedragen, zulks tot meerdere
zekerheid voor de betaling van al hetgeen de gemeente uit hoofde
van de hypothecaire lening te vorderen heeft of zal hebben.
Er dient een akte van verpanding te worden getekend, waardoor de
gemeente bij overlijden of aan het einde van de looptijd het
recht heeft de verzekeringsuitkering rechtstreeks bij de
verzekeraar te incasseren. Hiervan moet mededeling worden gedaan
aan de levensverzekeraar.
De originele polis dient door de verzekeraar aan de gemeente te
worden afgegeven: de schuldenaar ontvangt een copie van de
polis.
Bij storting in depot dient een depotakte te worden
ondertekend.
Indien er sprake is van gesubsidieerde woningbouw, dient het
recht op de rijksbijdrage door de schuldenaar verpand te worden
aan de gemeente, zodat de gemeente deze bijdrage rechtstreeks
kan claimen bij het rijk. Er dient van de verpanding bericht te
worden gezonden aan het ministerie van Volkshuisvesting.
De gemeente dient het recht te hebben, bij niet betaling door de
schuldenaar, de premies aan de levensverzekeraar namens de
schuldenaar te voldoen, om de verzekering te laten doorlopen en
eventueel de uitkering te kunnen incasseren.