Bij cliëntenparticipatie vraagt het gemeentebestuur het platform
voor Sociaal Beleid De Wolden of de Wmo-raad De Wolden
afhankelijk van het beleidsterrein, advies. De
belangengroepering is gerechtigd om uit eigen beweging advies
uit brengen aan burgemeester en wethouders.
Burgemeester en wethouders vragen de betreffende partijen zoals
genoemd in artikel 1 lid 3, 4 en in ieder geval om advies als
het een onderwerp betreft van de onder artikel 3 genoemde
beleidsterreinen.In het geval van nieuw beleid worden partijen
zoals genoemd in artikel 1 lid 3 en 4 in elk geval betrokken bij
de vaststelling van de hoofdlijnen van het beleid.In het geval
van evaluatie worden partijen zoals genoemd in artikel 1 lid 3
en 4 in elk geval betrokken bij de vaststelling van vragen op
grond waarvan de evaluatie zal worden verricht.
Een advies wordt op een zodanig tijdstip gevraagd, dat het van
wezenlijke invloed kan zijn op het te nemen besluit. Dit wordt
bewerkstelligd door de partijen zoals genoemd in artikel 1 lid 3
en 4 nadat het advies is gevraagd in principe vier weken de
gelegenheid te geven op de adviesaanvraag te reageren.
In het geval burgemeester en wethouders in een voorstel aan de
gemeenteraad afwijken van het advies partijen zoals genoemd in
artikel 1 lid 3 en 4 wordt dit bij het advies vermeld, waarbij
tevens is aangegeven op welke gronden van het advies is
afgeweken.In het geval dat burgemeester en wethouders zijn
afgeweken van het advies van partijen zoals genoemd in artikel 1
lid 3 en 4 delen zij dit schriftelijk mee. Deze mededeling heeft
plaats gelijktijdig met de toezending van het ter zake doende
advies van burgemeester en wethouders aan de gemeenteraad.
Burgemeester en wethouders wijzen voor partijen zoals genoemd in
artikel 1 lid 3 en 4 een vaste contactambtenaar aan.
Tussen de wethouder en partijen zoals genoemd in artikel 1 lid 3
en 4 vindt minimaal 2 keer per jaar een overleg plaats.
Daarnaast vindt, indien nodig, overleg plaats tussen de
desbetreffende contactambtenaar en de belangengroepering of met
vertegenwoordigers van partijen zoals genoemd in artikel 1 lid 3
en 4.
Burgemeester en wethouders kunnen een reglement vaststellen
waarin huishoudelijke en organisatorische zaken, ten behoeve van
het in de leden 6 en 7 van dit artikel bedoelde overleg worden
geregeld.
Burgemeester en wethouders dragen er zorg voor dat de gemeente
aan de partijen zoals genoemd in artikel 1 lid 3, 4 en 5 de
nodige informatie verstrekt ten behoeve van het naar behoren
kunnen functioneren van de belangengroepering. Het betreft hier
alle informatie die noodzakelijk is om beleid en uitvoering te
begrijpen en om ontwikkelingen en wijzigingen te kunnen
volgen.De informatie wordt desgevraagd in speciale leesvorm
(braille, diskette of grootletterschrift) aangeleverd.