Naar hoofdinhoud
1. Asverstrooiing geschiedt op een door burgemeester en wethouders aangewezen plaats. 2. Op hetzelfde tijdstip mag slechts één asverstrooiing plaatsvinden. 3. Burgemeester en wethouders kunnen in bijzondere gevallen afwijking van het bepaalde in het vorige lid toestaan. 4. Verstrooiing geschiedt door of vanwege de nabestaanden c.q. de rechthebbende(n), in het bijzijn van een nader door burgemeester en wethouders aan te wijzen ambtenaar. 5. Mogelijkheid wordt geboden tot plaatsing van een gedenkplaatje op de daarvoor bestemde herinneringszuil. 6. Op het verstrooien van as buiten de algemene begraafplaats is de Algemene Plaatselijke Verordening van toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel