Het college kan een inburgeringsplichtige of inburgeringsbehoeftige bij beschikking een of meer van de volgende verplichtingen opleggen:
a. het deelnemen aan de aangeboden inburgeringcursus;
b. het deelnemen aan gesprekken met de trajectbegeleider;
c. het deelnemen aan voortgangsgesprekken;
d. voor de eerste maal deelnemen aan het inburgeringexamen op een tijdstip dat door het college wordt bepaald;
e. het melden indien door ziekte dan wel door andere relevante omstandigheden niet aan de verplichtingen in de beschikking kan worden voldaan;
f. voor de inburgeringsbehoeftige wordt een bepaling opgenomen in de inburgeringbeschikking dat bij het niet afronden van de inburgeringsvoorziening een boete kan worden opgelegd van ten hoogste € 5,00 per gemist uur, tenzij op gronden van redelijkheid en billijkheid het verzuim geoorloofd is. Omdat de voorziening op basis van vrijwilligheid is geaccepteerd, zijn de maatregelen beschreven in art. 9 en art. 10 niet van toepassing op de inburgeringsbehoeftige, omdat de wettelijke inburgeringplicht voor deze personen ontbreekt.