Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.4

Artikel 18

Vervallen aanspraak op bekostiging

Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs

1. De aanspraak op bekostiging van een voorziening vervalt, indien niet door de aanvrager voor1 oktober van het jaar votgend op de vaststelling van het programma een bouwopdracht isverleend dan wel een koop-, huur- of erfpachtovereenkomst is gesloten en een afschrift hiervanniet voor 15 oktober daaropvolgend aan het college is gezonden. De in de eerste volzin bedoeldebouwopdracht is onherroepelijk en vermeldt de aanvangsdatum van het werk en de termijn,uitgedrukt in het aantal werkbare dagen, binnen welke het werk wordt opgeleverd. De in deeerste volzin bedoelde overeenkomsten zijn onherroepelijk. In geval van een huur- of erfpachtovereenkomstwordt daarin de datum van inwerkingtreding vermeld, alsmede de duur van deovereenkomst. In geval van een koopovereenkomst wordt daarin de datum van aankoop vermeld. 2. De aanspraak op bekostiging vervalt niet, indien de overschrijding van de termijn als bedoeld inhet eerste lid veroorzaakt wordt door bijzondere omstandigheden die niet aan de aanvrager zijntoe te rekenen en de aanvrager voor 1 September een schriftelijk gemotiveerd verzoek heeftingediend bij het college tot verlenging van de termijn als bedoeld in het eerste lid. 3. Het college beslist voor 15 September over het verzoek tot verlenging van de termijn. Indien hetverzoek wordt ingewilligd, wordt in het besluit aangegeven tot welke datum de termijn alsbedoeld in het eerste lid wordt verlengd.

Rechtspraak bij dit artikel