Naar hoofdinhoud
1. In het geval van huurbeëindiging van een aangepaste woonruimte, die voor meer dan de in het Verstrekkingenbeleid voor voorzieningen in het kader van de Wmo genoemd bedrag is aangepast, verleent het college van burgemeester en wethouders een financiële vergoeding aan de eigenaar van de woning in verband met derving van huurinkomsten voor de duur van maximaal 3 maanden, waarbij de eerste maand huurderving niet voor een vergoeding in aanmerking komt. 2. De hoogte van de financiële vergoeding zoals bedoeld in het eerste lid is afhankelijk van de kale huur van de woonruimte, doch zal niet meer bedragen dan de maximaal subsidiabele huurprijs op grond van de Wet op de huurtoeslag.

Rechtspraak bij dit artikel