**1.** Het college van burgemeester en wethouders verleent een
persoonsgebonden budget in de kosten van tijdelijke huisvesting die
door de persoon met beperkingen moet worden gemaakt in verband met
het aanpassen van:a. zijn huidige woonruimte;b. de door de persoon
met beperkingen nog te betrekken woonruimte.
**2.** Het persoonsgebonden budget als bedoeld in het eerste lid wordt
verleend uitsluitend voor de periode, dat de aan te passen
woonruimte ten gevolge van het realiseren van de woningaanpassing
niet bewoond kan worden en de persoon met beperkingen als gevolg
daarvan voor dubbele woonlasten komt te staan.
**3.** Het college van burgemeester en wethouders verleent slechts een
persoonsgebonden budget in de kosten van tijdelijke huisvesting als
de persoon met beperkingen redelijkerwijs niet kan voorkomen dat hij
dubbele woonlasten heeft.
**4.** De maximale termijn waarvoor het college van burgemeester en
wethouders een persoonsgebonden budget in de kosten van tijdelijke
huisvesting, als bedoeld in het eerste lid, verleent, bedraagt drie
maanden.
**5.** Het college van burgemeester en wethouders verleent uitsluitend een
persoonsgebonden budget in de kosten van tijdelijke huisvesting als
bedoeld in het eerste lid als deze kosten gemaakt worden in verband
met het:a. tijdelijk betrekken van een zelfstandige woonruimte;b.
tijdelijk betrekken van een niet-zelfstandige woonruimte, of;c.
langer moeten aanhouden van de te verlaten woonruimte.
**6.** De hoogte van het persoonsgebonden budget bedraagt de werkelijke
kosten van huur van de persoon met beperkingen voor de door hem
bewoonde tijdelijke woonruimte daar waar het de extra woonlasten in
verband met tijdelijke huisvesting betreft.
Hoofdstuk 4
Artikel 26
Kosten in verband met tijdelijke huisvesting
Onderdeel van Verordening Voorzieningen Wet maatschappelijke ondersteuning gemeente Lansingerland 2009