1.De voorzitter zendt ten minste 14dagen voor een
vergadering de leden een schriftelijke oproep onder vermelding van
de dag, het tijdstip en de plaats van de vergadering.
De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met
uitzondering van de in artikel 86, eerste en tweede lid, van de
Gemeentewet bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met de
schriftelijke oproep aan de leden verzonden.
2.Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld in
artikel 13, tweede lid, worden deze agenda en de daarop vermelde
voorstellen of onderwerpen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48
uur voor aanvang van de vergadering aan de leden gezonden.