**1.** De buizen van een particuliere aansluiting moeten: -minimaal een diameter hebben van 125 mm uitwendig, en maximaal 160 mm uitwendig; -gelegd worden onder voldoende afschot passend bij de toegepaste diameter; -minimaal een gronddekking van 0.60 m hebben.
**2.** Het college kan ontheffing verlenen van de eisen genoemd in het eerste lid, dan wel aanvullende eisen stellen.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.3
Afmetingen van particuliere aansluitingen
Onderdeel van Verordening particuliere rioolaansluitingen