Het college kan aan uitkeringsgerechtigden, als bedoeld in artikel 1,
onder sub a, een activeringspremie toekennen.
Een activeringspremie kan worden verstrekt in de volgende gevallen:
Bij volledige uitstroom naar de arbeidsmarkt wordt een eenmalige
premie verstrekt ter hoogte van 25% van het in artikel 31, lid 2
onder j. genoemde bedrag, als betrokkene ten minste 12 maanden
een uitkering op grond van de WWB, IOAW of IOAZ heeft ontvangen
en hij/zij ten minste voldoet aan de referte-eis voor de
WW.
Aan de persoon die deeltijdarbeid verricht en die bij aanvang
van deze werkzaamheden ten minste 12 maanden een uitkering op
grond van de WWB, IOAW of IOAZ heeft ontvangen wordt één keer
per jaar een eenmalige premie verstrekt ter hoogte van 25% van
de genoten netto-inkomsten met een maximum van 25% van het in
artikel 31, lid 2 sub j WWB genoemde bedrag.
Voor de premie onder a. kan de uitkeringsgerechtigde eens in de
drie jaar in aanmerking komen. De premie kan worden aangevraagd
nadat de uitkeringsgerechtigde aantoonbaar kan maken, dat aan de
beide gestelde voorwaarden is voldaan.
Voor de premie als bedoeld onder b. kan de uitkeringsgerechtigde
een aanvraag indienen 12 maanden na aanvang van de parttime
werkzaamheden.