**1..** In het beleidsplan als bedoeld in artikel 3 wordt vastgelegd welke
voorzieningen het college in ieder geval kan aanbieden gericht op
economische zelfredzaamheid en maatschappelijke
zelfredzaamheid.
**2..** Het college kan, in aanvulling op de verplichtingen die voortvloeien
uit de wet, IOAW, IOAZ en deze verordening, aan een voorziening
nadere verplichtingen verbinden.
**3..** Het college kan een voorziening beëindigen:
indien de persoon die aan de voorziening deelneemt zijn
verplichting als bedoeld in de artikelen 9, 10, 10a, 17 en
55 van de wet niet nakomt;
indien de persoon die deelneemt niet meer behoort tot de
doelgroep van de wet, IOAW en IOAZ;
indien de persoon algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt,
waarbij geen gebruik wordt gemaakt van deze
voorziening;
indien naar het oordeel van het college de voorziening
onvoldoende bijdraagt aan een snelle
arbeidsinschakeling.
**4..** Het college kan ten aanzien van de voorzieningen, met inachtneming
van hetgeen daarover in het beleidsplan is bepaald, nadere regels
stellen. Deze regels kunnen in ieder geval betrekking hebben
op:
de voorwaarden waaronder een voorziening wordt
aangeboden;
de weigeringsgronden bij het aanvragen van
voorzieningen;
de betaling van subsidies en het verlenen van
voorschotten;
het vragen van een eigen bijdrage;
overige criteria voor het aanbieden van voorzieningen en het
verstrekken van subsidies.
Paragraaf 3.
Artikel 7.
Algemene bepalingen over voorzieningen
Onderdeel van Reïntegratieverordening WWB, IOAW, IOAZ