Het advies wordt, onder medezending van het verslag als bedoeld
in artikel 14 en eventueel door de commissie ontvangen nadere
informatie en nader verslag, tijdig uitgebracht aan het
bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen.
Indien naar het oordeel van de voorzitter van de commissie de
termijn van 10 weken, als bedoeld in artikel 7:10, eerste lid,
van de Awb, ontoereikend is voor achtereenvolgens het uitbrengen
van een advies en het nemen van een beslissing, verzoekt hij het
verwerend orgaan tijdig de beslissing te verdagen.
Van een besluit tot verdaging ontvangen de commissie en de
belanghebbenden een afschrift.