Aan het raadslid worden de ten behoeve van de gemeente
gemaakte kosten in verband met reizen buiten het grondgebied
van de gemeente ter uitvoering van een beslissing van het
gemeentebestuur vergoed.
De in het eerste lid bedoelde vergoeding betreft:
bij gebruik van openbare middelen van vervoer en van
een taxi: een volledige vergoeding van de in
redelijkheid gemaakte noodzakelijke reiskosten;
bij gebruik van een eigen vervoermiddel: een
vergoeding van de in redelijkheid gemaakte
noodzakelijke reiskosten overeenkomstig het bepaalde
in artikel 4, onderdeel b, van de Regeling
rechtspositie wethouders.
Hoofdstuk II
Artikel 5
Reiskosten
Onderdeel van Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2007