**1..** Volgens het bepaalde in artikel 4:71 AWB behoeft de subsidie-ontvanger toestemming van het college van burgemeester en wethouders voor:
**a).** het oprichten van dan wel deelnemen aan een rechtspersoon;
**b).** het doen van schenkingen die een bedrag van € 1000 te boven gaan;
**c).** het in eigendom verwerven, vervreemden of bezwaren van registergoederen, indien deze mede zijn verworven of betaald met behulp van subsidie;
**d).** het aangaan of beëindigen van overeenkomsten gericht verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen of tot huur, verhuur of pacht daarvan, indien deze mede zijn verworven of betaald met behulp van subsidie;
**e).** het aangaan van kredietovereenkomsten en van overeenkomsten tot geldlening;
**f).** het aangaan van overeenkomsten waarbij de subisidie-ontvanger zich verbindt tot zekerheidsstelling met inbegrip van zekerheidsstelling voor schulden van derden of waarbij hij zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt of zich voor een derde sterk maakt;
**g).** het doen van aangifte tot zijn faillissement of het aanvragen van surseance van betaling.
**2..** Het college van burgemeester en wethouders beslist binnen vier weken omtrent de toestemming.
**3..** De beslissing kan eenmaal voor ten hoogste vier weken worden verdaagd.
**4..** Indien omtrent de toestemming niet tijdig is beslist, wordt de toestemming geacht te zijn verleend.