De vergunning kan door het college worden ingetrokken als
blijkt dat:a. de vergunning ten gevolge van een onjuiste of
onvolledige opgave is verleend;b. de vergunninghouder de
voorwaarden als bedoeld in artikel 9 niet naleeft;c. de
omstandigheden aan de kant van de vergunninghouder zich
zodanig hebben gewijzigd, dat het belang van het beschermde
gemeentelijk monument zwaarder dient te wegen;d. niet binnen
52 weken van de vergunning gebruik wordt gemaakt.
Van de beschikking tot intrekking wordt een kopie aan de
monumentencommissie gezonden.
Hoofdstuk 3
Artikel 14
Intrekken van de vergunning
Onderdeel van Erfgoedverordening gemeente eersel 2011