Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 6.

Artikel 22.

Zittingsduur

Onderdeel van Erfgoedverordening

1.. De zittingsduur van de leden van de monumentenraad is voor een periode van vier jaren. 2.. Degene die ter vervulling van een buiten de gewone tijd van aftreden opengevallen plaats tot lid van de monumentenraad is benoemd, treedt af op het tijdstip, waarop degene in wiens plaats deze is benoemd, zou hebben moeten aftreden. 3.. Als een lid van de monumentenraad ontslag neemt, blijft deze in functie, totdat diens opvolger de benoeming heeft aangenomen. 4.. Het bepaalde in lid 3 van dit artikel vindt geen toepassing in het geval, bedoeld in artikel 21, lid 1.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel