1.De aanvrager dient vóór 1 april van het jaar volgend op het jaar
waarvoor een structurele subsidie is
verleend een jaarrekening, een verantwoording van de prestaties en een
inhoudelijk jaarverslag
bij college in.
2.De aanvrager dient binnen drie maanden na realisering van de
activiteit of de voorziening waarvoor
een incidentele, investerings- of garantiesubsidie is verleend, een
gespecificeerde afrekening, een
verantwoording van de prestaties en een inhoudelijk verslag bij het
college in.
3.Het college kan bepalen dat de jaarrekening en de verantwoording van
de prestaties moeten zijn
voorzien van een accountantsverklaring.