Naar hoofdinhoud
1.. De raad benoemt uit zijn midden een voorzitter, tevens lid, van de onderzoekscommissie. De leden van de onderzoekscommissie kiezen uit hun midden een plaatsvervangend voorzitter. 2.. De voorzitter is belast met: a.. het leiden van de beraadslagingen en zittingen; b.. het handhaven van de orde; c.. het doen naleven van bij of krachtens deze verordening gestelde regels; d.. hetgeen deze verordening hem verder opdraagt.

Rechtspraak bij dit artikel