In deze afdeling wordt verstaan onder:
havenmeester: de door of namens het college als zodanig aangewezen functionaris;
schip: elk vaartuig daaronder mede verstaan drijvende werktuigen, alsmede woonschepen, glijboten en ponten, hoe ook genaamd en van welke grootte, inhoud, toerusting of inrichting het ook zij;
schipper: ieder, die aan boord van enig schip voortdurend of tijdelijk het gezag voert en bij ontbreken daarvan de rechthebbende op het schip;
haven en havenkanaal: alle wateren vanaf het Drontermeer tot en met de havenkom, grenzend aan de vestingstad Elburg, voor zover in beheer bij de gemeente;
ligplaats: vaste ligplaats of passantenligplaats;
vaste ligplaats: een ligplaats bestemd voor de toewijzing van maximaal een jaar;
passantenligplaats: een ligplaats voor vaartuigen die wordt toegewezen voor niet langer dan veertien aaneengesloten dagen;
los- en laadplaats: gedeelte van de haven, bedoeld voor laad- en losactiviteiten van schepen;
woonschepen: schepen uitsluitend of hoofdzakelijk als woning gebezigd of tot woning bestemd.
HOOFDSTUK 5. › AFDELING 10.
Artikel 5.39
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening gemeente Elburg