De commissie bestaat uit zeven leden, waaronder de voorzitter,
en voorts uit een secretaris en een adjunct-secretaris.
Als ambtelijke adviseur wordt aan de commissie toegevoegd de
directeur van de Dienst Stadsontwikkeling. Deze kan zich laten
vervangen.
De zeven leden dienen zoveel mogelijk vakdisciplines te
vertegenwoordigen. Zo dient er minimaal één deskundig te zijn op
het gebied van:
planologie/stedenbouw;
omgevingsontwerp/landschapsarchitectuur;
bouwhistorie/architectuurhistorie/kunsthistorie;
architectuur;
monumenten/restauratietechniek
De voorzitter en de secretaris dienen deskundig te zijn op
tenminste één van de in het derde lid genoemde vakgebieden.
Voor de in het derde lid genoemde leden worden drie
plaatsvervangende leden benoemd met een deskundigheid bedoeld in
dat lid.
De leden en de plaatsvervangende leden worden, op voorstel van
burgemeester en wethouders, gehoord de commissie voor
Ruimtelijke Ordening en Wonen, door de Gemeenteraad benoemd.
Daarbij wordt ernaar gestreefd dat de commissie zowel wat
architectonische/esthetische deskundigheid als wat deskundigheid
over de monumentenzorg betreft, zo breed mogelijk is
samengesteld.
burgemeester en wethouders benoemen de secretaris en de
adjunct-secretaris.
Daarbij dragen zij er zorg voor dat deze functionarissen gezamenlijk
over voldoende deskundigheid beschikken op zowel het gebied van de
welstand als op het gebied van de monumentenzorg. De adjunctsecretaris
vervangt de secretaris ingeval van afwezigheid.
De commissie benoemt uit haar midden een
plaatsvervangendvoorzitter.
De benoemingsvoorstellen voor de in het zesde en het zevende lid
genoemde functies worden aan burgemeester en wethouders
uitgebracht door de directeur van de Dienst Stadsontwikkeling.
Over zijn voorstellen hoort hij vooraf de commissie.
De commissie wordt in haar werkzaamheden bijgestaan door een
ambtelijk secretariaat.
Hoofdstuk 1
Artikel 1
Artikel 1
Onderdeel van Verordening op de Commissie voor Welstand- en Monumenten