**1..** Na afloop van de restauratie doet de eigenaar zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen drie weken na oplevering, mededeling van beëindiging van de werkzaamheden aan de burgemeester en wethouders.
**2..** Binnen dertien weken na de in het eerste lid bedoelde mededeling dient de eigenaar in tweevoud en gerelateerd aan de ingediende begroting een financiële verantwoording in van de werkelijk gemaakte kosten onder overlegging van de desbetreffende rekeningen en bewijzen van betaling, een en ander ten genoegen van burgemeester en wethouders.
**3..** Indien rekeningen en bewijzen van betaling betrekking hebben op kosten van personeel dat in loondienst is bij de eigenaar, gaat de financiële verantwoording tevens vergezeld van een verklaring van een registeraccountant of een accountant-administratieconsulent, waaruit blijkt hoeveel uren door dat personeel is besteed aan subsidiabele werkzaamheden.
**4..** Nadat de uitgevoerde restauratiewerkzaamheden vanwege burgemeester en wethouders zijn gecontroleerd en akkoord bevonden, stellen burgemeester en wethouders op basis van de bescheiden als bedoeld in het tweede en derde lid en met inachtneming van de toezegging ex artikel 10, zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen vijf weken, het subsidie definitief vast.
**5..** Ten behoeve van de definitieve vaststelling van het subsidie kunnen burgemeester en wethouders aan de eigenaar om nadere informatie verzoeken. Aan dit verzoek dient door de eigenaar onverwijld gevolg te worden gegeven. De in het vierde lid bedoelde termijn wordt opgeschort gedurende de periode tussen verzoek om en overlegging van de gevraagde informatie.
**6..** Na de vaststelling wordt het definitief subsidie zo spoedig mogelijk aan de eigenaar uitbetaald.
**7..** In afwijking van het bepaalde in het tweede, vierde en zede lid, kan desgewenst bij wijze van voorschot aan de eigenaar tijdens uitvoering van de restauratie tot ten hoogste 85% van het toegezegde subsidie, na opgave per kalenderkwartaal van de werkelijk gemaakte kosten, worden uitbetaald.
**8..** In daarvoor naar het oordeel van de burgemeester en wethouders in aanmerking komende gevallen kan op verzoek van de eigenaar een voorschot op het subsidie worden verleend bij de aanvang van de werkzaamheden tot ten hoogste 30% van het subsidie.
**9..** In dien bij de vaststelling van het subsidie blijkt dat niet is voldaan aan enige voorwaarde, gesteld bij de voorlopige toekenning van het subsidie c.q. bij deze verordening, kan het subsidie in afwijking van de voorlopige toekenning en het bepaalde in het vierde lid, worden vastgesteld op een lager bedrag. Eventueel uitbetaalde voorschotten, die laatstgenoemd bedrag te boven gaan, dienen door de eigenaar terstond te worden terugbetaald aan de gemeente.
**10..** Indien, na de vaststelling en uitbetaling van het subsidie, blijkt dat de eigenaar nalaat te voldoen aan de gestelde onderhoudsverplichting, als bedoeld in artikel 12, eerste lid, onder h, zijn burgemeester en wethouders bevoegd tot het terugvorderen van het subsidie.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2
Artikel 14
Vaststelling van het subsidie, voorschot
Onderdeel van subsidieverordening gemeentelijke monumenten