**1..** Burgemeester en wethouders verlenen, voor zover de daartoe bestemde ruimte van de begraafplaatsen zulks toelaat, op een daartoe schriftelijk bij hen in te dienen aanvraag, voor de tijd van twintig of veertig jaar het recht op een graf. De termijn begint te lopen op de datum waarop het graf is uitgegeven.
**2..** Het in het eerste lid van dit artikel bedoelde recht wordt op aanvraag van de rechthebbende telkens met een termijn van tien jaar verlengd, mits de aanvraag binnen twee jaren vóór het verstrijken van de lopende termijn wordt ingediend.
**3..** Een recht als in dit artikel bedoeld kan slechts aan één rechthebbende worden verleend ten behoeve van zichzelf en voor de personen genoemd in artikel 15, eerste lid. Verlening van het recht ten behoeve van een ander is slechts mogelijk indien daarvoor gewichtige redenen bestaan.
HOOFDSTUK 4
Artikel 13
Termijnen van uitgifte
Onderdeel van Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen