Vergeleken met de verordening uit 2004 is de reikwijdte van de regeling vergroot tot groepen met een inkomen van maximaal 120 % van de voor hen geldende bijstandsnorm. Het begrip rechthebbende is nader uitgewerkt in een nieuw artikel 2. Met betrekking tot het vermogen wordt aangesloten bij de vermogensgrenzen zoals gehanteerd in de Wet werk en bijstand. Dit is uitgewerkt in het nieuwe artikel 3. Toegevoegd is het begrip ten laste komend kind teneinde in de uitvoeringspraktijk tegemoet te komen aan de vraag om duidelijkheid in geval kinderen om diverse redenen buiten de gemeente woonachtig zijn en niet eenduidig is of er aanspraak bestaat.