**1..** Voor de berekening van de belasting wordt met betrekking tot een in de
tarieventabel genoemde tijd-, lengte- of oppervlakte-eenheid een
gedeelte daarvan als een volle eenheid aangemerkt.
**2..** Indien een tarief per oppervlakte is vastgesteld, wordt de belasting bij
rechthoekige voorwerpen berekend naar de oppervlakte van de horizontale
projectie van het voorwerp of de voorwerpen, tenzij anders is
bepaald.
**3..** De oppervlakte van andere dan rechthoekige voorwerpen wordt gesteld op
het product van twee aangrenzende zijden van een om het voorwerp
geplaatste denkbeeldige rechthoek.
**4..** Indien de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het
voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst
bestemde gemeentegrond, wordt voor de berekening van de belasting
aangesloten bij de geldigheidsduur van die vergunning, tenzij blijkt dat
het belastbaar feit zich gedurende een kortere periode heeft voorgedaan.
In dat geval bestaat aanspraak op ontheffing, waarbij het vijfde lid van
overeenkomstige toepassing is.
**5..** Indien in de tarieventabel voor een voorwerp tarieven voor verschillende
tijdseenheden zijn opgenomen, wordt de precariobelasting berekend op de
voor de belastingplichtige meest voordelige wijze.
**6..** Het bedrag aan precariobelasting dat met toepassing van het maandtarief
wordt berekend, wordt niet hoger gesteld dan het bedrag dat voor het
belastbare object aan precariobelasting zou zijn berekend met toepassing
van het jaartarief.
Artikel 6
- Berekening van de precariobelasting
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2011