De door burgemeester en wethouders te verstrekken vervoersvoorziening kan bestaan uit:
een financiële tegemoetkoming voor:
de kosten van het gebruik van een taxi of een rolstoeltaxi;
de aanschaffing, aanpassing of het gebruik van de eigen auto;
de kosten van vervoer door derden;
de kosten van aanleg van een invalidenparkeerplaats;
begeleidingskosten;
oplaadkosten van de accu van een scootermobiel;
de voorziening in natura van een bruikleenauto, een gesloten buitenwagen, een
open buitenwagen (scootermobiel) of een ander verplaatsingsmiddel;
een persoonsgebonden budget voor een open buitenwagen (scootermobiel);
een pasje voor regionaal vervoer.
Bepaalde combinaties van de onder 1 tot en met 4 genoemde vervoersvoorzieningen zijn mogelijk.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.1
Soorten vervoersvoorzieningen
Onderdeel van Verordening voorzieningen gehandicapten 2005