Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 1:

begripsbepalingen

Onderdeel van Drank- en Horecaverordening IJsselstein 2007

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: de wet: de Drank- en Horecawet; horecabedrijf: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid van de wet; lokaliteit: een besloten ruimte, onderdeel uitmakend van een inrichting; inrichting: de lokaliteiten waarin het horecabedrijf wordt uitgeoefend, met de daarbij behorende terrassen, voor zover die terrassen in ieder geval bestemd zijn voor het verstrekken van alcoholhoudende drank voor gebruik ter plaatse, welke lokaliteiten al dan niet onderdeel uitmaken van een andere besloten ruimte; alcoholhoudende drank: drank die bij een temperatuur van twintig graden Celsius voor meer dan een half volumeprocent uit alcohol bestaat; zwak-alcoholhoudende drank: alcoholhoudende drank, met uitzondering van sterke drank; sterke drank: drank, die bij een temperatuur van twintig graden Celsius voor vijftien of meer volumeprocenten uit alcohol bestaat, met uitzondering van wijn; leidinggevende: de natuurlijke persoon of de bestuurders van een rechtspersoon of hun gevolmachtigden, voor wiens rekening en risico het horecabedrijf wordt uitgeoefend, met uitzondering van bestuurders van een rechtspersoon als bedoeld in artikel 4; de natuurlijke persoon, die algemene leiding geeft aan een onderneming, waarin het horecabedrijf wordt uitgeoefend; de natuurlijke persoon, die onmiddellijke leiding geeft aan de uitoefening van het horecabedrijf in een inrichting; café: een inrichting, niet zijnde een discotheek of dancing, die tot hoofddoel heeft het verstrekken van alcoholhoudende en alcoholvrije drank voor gebruik ter plaatse, al dan niet met de verkoop van voor directe consumptie gereed zijnde etenswaren; discotheek: een inrichting, die tot hoofddoel heeft het verstrekken van alcoholhoudende en alcoholvrije drank voor gebruik ter plaatse, waarbij het doen beluisteren van overwegend mechanische muziek en het gelegenheid geven tot dansen een wezenlijk onderdeel vormen; snackbar/cafetaria: een inrichting, waarin uitsluitend of in hoofdzaak al dan niet voor directe consumptie ter plaatse gereed zijnde etenswaren worden verkocht; paracommerciële instelling: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 4 van de wet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel