Burgemeester en wethouders kunnen, al dan niet op verzoek van belanghebbenden, besluiten onroerende monumenten als beschermd
gemeentelijk monument op de gemeentelijke monumentenlijst te
plaatsen.
Burgemeester en wethouders besluiten over plaatsing van
onroerende monumenten op de gemeentelijke monumentenlijst
nadat de monumentencommissie en de eigenaar zijn gehoord. In
spoedeisende gevallen kunnen zij hiervan afwijken.
Burgemeester en wethouders nemen met betrekking tot
kerkelijke monumenten geen beslissing tot plaatsing op de gemeentelijke
monumentenlijst dan na overleg met de eigenaar.
Burgemeester en wethouders doen binnen twee maanden nadat de
monumentencommissie is gehoord, schriftelijk mededeling van het
besluit in lid 2 aan degenen die als eigenaren en anderszins
zakelijk gerechtigden in de kadastrale legger bekend staan, aan de
ingeschreven hypothecaire schuldeisers en, indien om aanwijzing is
verzocht, aan de verzoeker. Bij overschrijding van de termijn worden
burgemeester en wethouders geacht niet tot plaatsing op de
gemeentelijke monumentenlijst te hebben besloten.
Burgemeester en wethouders maken de plaatsing op de
gemeentelijke monumentenlijst op de in de gemeente
gebruikelijke wijze bekend.
De gemeentelijke monumentenlijst geeft de plaatselijke
aanduiding aan, de kadastrale aanduiding, de tenaamstelling
en een beschrijving van het monument.
Burgemeester en wethouders kunnen ambtshalve of op verzoek
van belanghebbenden in de gemeentelijke monumentenlijst
wijzigingen aanbrengen. Indien de wijziging naar het oordeel
van burgemeester en wethouders van ondergeschikte betekenis
is of indien de wijziging betreft het doorhalen van de
inschrijving van een monument dat is teniet gegaan, blijft
overeenkomstige toepassing van artikel 3, leden 2 en 3,
achterwege.
Monumenten die zijn ingeschreven in het register als bedoeld
in artikel 6 van de Monumentenwet of die zijn geplaatst op
een lijst van monumenten, op grond van een
monumentenverordening van de provincie Gelderland, worden
door burgemeester en wethouders niet op de gemeentelijke
monumentenlijst geplaatst.
Monumenten, die na plaatsing op de gemeentelijke
monumentenlijst worden ingeschreven in het
monumentenregister als bedoeld in artikel 6 van de
Monumentenwet, worden geacht niet meer op de gemeentelijke
monumentenlijst te zijn geplaatst.