Naar hoofdinhoud

Artikel 5.

Subsidieaanvraag, -verlening en -vaststelling

Onderdeel van Deelverordening Ledensubsidie Amateurkunst Edam-Volendam

1.. De uiterste datum van indiening van de vervolgaanvraag is 1 april van het kalenderjaar voorafgaand aan de vierjaarlijkse subsidieperiode voor instellingen, die al meer dan twee jaar subsidie hebben ontvangen. Nieuwe aanvragers dienen uiterlijk voor 1 april van het kalenderjaar, voorafgaand aan het subsidiejaar een verzoek in te dienen. 2.. Een aanvraag, die niet binnen de termijn is ingediend, zoals vermeld in het eerste lid, kan buiten behandeling worden gelaten. 3.. Voor de indiening van de aanvraag maakt de instelling gebruik van het door het college te verstrekken aanvraagformulier. 4.. Indien een instelling voor de eerste keer subsidie aanvraagt, voegt men een exemplaar van de oprichtingsakte en de statuten als bijlage toe aan het inventarisatie- en aanvraagformulier. 5.. De instelling dient een ledenlijst en een begroting in voor de komende subsidieperiode, alsmede een balans van het voorafgaande jaar met toelichting. 6.. Het college bepaalt de hoogte van de subsidie naar rato van het in Edam-Volendam woonachtige leden, vermenigvuldigd met het voor de soort kunstuiting toepasselijke bedrag(en) genoemd in artikel 5. Het ledental wordt bepaald aan de hand van een overzicht van de leden met hun geboortedata en adressen op 1 januari van het jaar voorafgaand aan de subsidieperiode. Het ledental bedraagt minimaal 10 leden, de subsidie wordt voor maximaal 100 leden verleend. 7.. Het college beslist op de aanvraag op het moment dat de gemeentebegroting en het jaarprogramma, voor zover van toepassing, voor het desbetreffende subsidiejaar of de subsidieperiode worden vastgesteld. 8.. Het college maakt deze beslissing schriftelijk bekend aan de aanvrager binnen acht weken nadat zij is genomen, maar uiterlijk voor 1 januari van het kalenderjaar waarop de aanvraag betrekking heeft. 9.. Indien het subsidieplafond wordt overschreden na toepassing van de in deze verordening genoemde subsidiegrondslag verlaagt het college voor de verlening de subsidie naar rato. 10.. Indien een instelling slechts ten dele of in zijn geheel niet heeft voldaan aan de voorschriften of de subsidievoorwaarden, kan het college de subsidie geheel of gedeeltelijk intrekken. 11.. Het college kan aan de subsidieontvanger toestemming verlenen een egalisatie- en bestemmingsreserve zoals vermeld in artikel 8 lid 2 van de Algemene subsidieverordening Edam-Volendam te vormen. 12.. Het college bepaalt welk deel van de ontvangen subsidie aan de egalisatiereserve mag worden toegevoegd. 13.. De aanvraag tot vaststelling van de subsidie wordt uiterlijk op 1 juni ingediend, in het jaar na afloop van de periode waarover subsidie is verleend. 14.. De aanvraag tot vaststelling gaat vergezeld van een financieel verslag waarmee wordt aangetoond, dat de activiteiten hebben plaatsgevonden. 15.. In het jaarverslag dient het aantal personen met naam, geboortedatum en woonplaats te worden weergegeven, die aan het begin en het einde van het subsidiejaar of de subsidiejaren in de subsidieperiode lid waren en/of zijn van de instelling.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel