Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Uitoefening bevoegdheden

Onderdeel van Verordening regelende de behandeling van bezwaarschriften 2005

De commissie oefent voor de toepassing van deze verordening uit de bevoegdheden bedoeld in de hierna genoemde artikelen van de Algemene wet bestuursrecht: de artikelen: 7:4, achtste lid; 7:6, tweede en vierde lid; de artikelen: artikel 2:1, tweede lid; artikel 6:6, wat betreft het de indiener van het bezwaarschrift stellen van een termijn waarbinnen het verzuim kan worden hersteld; artikel 6:17, voor zover het de verzending van stukken betreft tijdens de behandeling door de commissie; artikel 7:4, tweede lid. 2.De commissie kan mandaat verlenen tot het uitoefenen van de bevoegdheden genoemd in het eerste lid en wel aan de voorzitter wat betreft de bevoegdheden genoemd onder a en aan de voorzitter of de secretaris wat betreft de bevoegdheden genoemd onder b.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel