a. Het college stelt de subsidie vast vóór 30 november, na afloop van het boekjaar waarvoor de subsidie is verleend. Artikel 4:46, tweede lid van de wet, is van toepassing.
b. Indien de aanvraag tot vaststelling van de subsidie niet tijdig is ingediend, kan het college de subsidie ambtshalve vaststellen vóór 31 december, na afloop van het boekjaar of het tijdvak waarvoor de subsidie is verleend. Artikel 4:47 van de wet is hierbij van toepassing.
c. Het college stelt een subsidie niet eerder ambtshalve vast dan nadat een door hen te stellen termijn, waarbinnen alsnog een aanvraag kan worden ingediend, is verstreken.