Naar hoofdinhoud

Artikel 1:6

Artikel 1:6

Onderdeel van Wijzigingsverordening APV 21 september 2010

Een toelichting op artikel 1:6 invoegen: De wabo bevat enkele bepalingen, die de bevoegdheid tot het wijzigen van voorschriften van een vergunning of ontheffing en de bevoegdheid tot het geheel of gedeeltelijk intrekken van een vergunning of ontheffing regelen. Artikel 2.31, lid 1 onder e Wabo luidt als volgt: Het bevoegd gezag wijzigt voorschriften van de omgevingsvergunning: e. voor zover deze betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2, voor zover dat bij de betrokken verordening (d.i. APV) is bepaald. Artikel 2.31, lid 2 onder d Wabo luidt als volgt: Het bevoegd gezag kan voorschriften van een omgevingsvergunning wijzigen voor zover deze betrekking hebben op: d. een activiteit als bedoeld in artikel 2.2, op de gronden die zijn aangegeven in de betrokken verordening (d.i. APV). Artikel 2:33, lid 2 luidt gedeeltelijk als volgt: Het bevoegd gezag kan de omgevingsvergunning geheel of gedeeltelijk intrekken, voor zover: a.gedurende drie jaar geen handelingen zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning; de vergunninghouder daarom heeft verzocht; deze betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2, op de gronden die zijn aangegeven in de betrokken verordening. Gelet op deze bepalingen uit de APV is het noodzakelijk de gronden voor wijziging c.q. (gedeeltelijke) intrekking van toestemmingen enerzijds te beperken en anderzijds aan te vullen, voor zover het gaat om vergunningen en ontheffingen, die onder de Wabo vallen. De wegaanlegvergunning (art 2:11), de uitwegvergunning (2:12), de kapvergunning (art 4:11) en de vergunning handelsreclame (4:14) vallen onder de Wabo.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel