Het college biedt tenminste eenmaal in de vier jaar een
(bijgestelde) nota reserves en voorzieningen aan.
De nota behandelt:
de vorming en besteding van reserves;
de vorming en besteding van voorzieningen;
de toerekening en verwerking van rente over de reserves
en de voorzieningen,
in relatie tot de nota weerstandsvermogen bedoeld in artikel 17.
De raad stelt de nota vast binnen 3 maanden nadat de nota is
aangeboden.
Het college biedt jaarlijks gelijktijdig met de in artikel 4
genoemde nota een overzicht aan van het verloop en de standen
van de reserves en voorzieningen, voorzien van een beschouwing
van relevante ontwikkelingen.