De voorzitter van de raad stelt een commissie “Benoembaarheid wethouders” in, die onderzoek verricht naar de benoembaarheid van één of meerdere wethouders.
De commissie bestaat uit ten minste drie raadsleden.
De commissie toetst in ieder geval aan de volgende voorschriften:
• artikel 35, artikel 36a juncto artikel 10, en artikel 41a van de Gemeentewet
• artikel 41b juncto artikel 12 van de Gemeentewet
• artikel 36b van de Gemeentewet
• artikel 41c juncto artikel 15, eerste en tweede lid van de Gemeentewet
• de gedragscode voor burgemeester en wethouders.
De kandidaat-wethouder legt de documenten en informatie over die de commissie nodig heeft voor toetsing aan de in het derde lid genoemde voorschriften. Daarnaast maakt de kandidaat-wethouder aan de commissie alle informatie kenbaar die hij of zij relevant acht. Tenslotte overlegt de kandidaat- wethouder een verklaring van goed gedrag.
De kandidaat-wethouder wordt in de gelegenheid gesteld om de documenten en de aangedragen informatie mondeling toe te lichten aan de commissie.
De commissie verricht zijn werkzaamheden in een niet openbare vergadering waarvan geen verslag wordt gelegd.
Na haar onderzoek rapporteert de commissie aan de raad, waarbij ook melding wordt gemaakt van een minderheidsstandpunt.
Hoofdstuk 2:
Artikel 14a.
Benoeming wethouder
Onderdeel van Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de Raad van Heusden 2010