Onverminderd het bepaalde in de artikelen 2:28, 2:39 en 3:4 kan de
burgemeester c.q. het college een houder van een horecabedrijf,
speelgelegenheid of seksinrichting al dan niet voor een bepaalde termijn
gesloten verklaren indien:
de houder van de inrichting in strijd handelt met het bepaalde
in voormelde artikelen;
de houder van de inrichting handelt in strijd met de aan de
vergunning verbonden voorschriften.