1.De raad ontslaat de voorzitter en de leden van de rekenkamercommissie en stelt hen op non-activiteit. 2. Ten aanzien van het ontslag en het op non-actief stellen van de voorzitter en de leden van de rekenkamer zijn de bepalingen van artikel 81c, zesde en zevende lid en artikel 81d, eerste en tweede lid van de wet van overeenkomstige toepassing. 3 Indien zich omstandigheden voordoen als bedoeld in artikel 81c, zesde en zevende lid of artikel 81d, eerste en tweede lid van de wet, meldt de raadscommissie dat terstond aan de raad. 4. In de gevallen bedoeld in artikel 81c, zevende lid en artikel 81d, tweede lid van de wet, adviseert de raadscommissie de raad over de vraag of al dan niet moet worden overgegaan tot het op non-actief stellen respectievelijk tot het ontslag van het desbetreffende lid. 5. De raadscommissie adviseert de raad tevens met betrekking tot een beslissing tot verlenging of beëindiging van een maatregel als bedoeld in artikel 81d, eerste of tweede lid van de wet. Artikel 81d, derde lid van de wet is in dit geval van overeenkomstige toepassing.
Artikel 10:
Non-activiteit en ontslag
Onderdeel van Verordening op de rekenkamercommissie Heusden 2005