Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk III

Artikel 8

Onroerende-zaakbelastingen (gebruikersgedeelte)

Onderdeel van Beleidsregels gemeentelijke belastingen 2004

1.. Aanwijzing belastingplichtige Als belastingplichtige wordt aangewezen: ten aanzien van woningen : degene die gedurende de langste periode op het betreffende adres in de gemeentelijke basisadministratie staat ingeschreven. bij gelijktijdige vestiging op een adres wordt de oudste van degenen die op het betreffende adres in de gemeentelijke basisadministratie staan ingeschreven als belastingplichtige aangewezen. Daarbij wordt de volgende prioriteitsvolgorde aangehouden: echtgenoten, alleenstaande ouders, alleenstaanden en geldt een minimum leeftijd van zestien jaar. degene, die als zakelijk gerechtigde ook als gebruiker valt aan te merken. degene die op een andere wijze als gebruiker naar voren komt. ten aanzien van niet-woningen: degene, die als zakelijk gerechtigde ook als gebruiker valt aan te merken; de huurder; degene die bij de Kamer van Koophandel als gebruiker wordt aangemerkt/staat ingeschreven; degene die op een andere wijze als gebruiker naar voren komt. 2.. Het begrip gebruik Wat onder gebruik dient te worden verstaan is door de Hoge Raad uitgemaakt in zijn arrest van 5 september 1979: "degene die een onroerende zaak metterdaad bezigt ter bevrediging van zijn behoefte". Om een uniforme toepassing van artikel 220, lid 1 onder a, te bewerkstelligen is het wenselijk dat beleidsregels op dit punt worden vastgesteld. Een object dat niet leeg staat, wordt gebruikt in de zin van de onroerende-zaakbelastingen. Een object dat leeg staat met de bedoeling om ter beschikking van de genothebbende krachtens zakelijk recht te blijven, wordt gebruikt in de zin van de onroerende zaakbelastingen. Met inachtneming van bovenstaande wordt bepaald dat: een recreatiewoning in beginsel onder alle omstandigheden door iemand wordt gebruikt, ook indien de woning op de peildatum leeg staat. Overeenkomstig artikel 220b, 1e lid, onder c van de Gemeentewet wordt degene die een onroerende zaak ter beschikking stelt voor volgtijdige verhuur aangemerkt als gebruiker van de onroerende zaak. Wanneer de verhuur van de woning (in opdracht van de eigenaar) geschiedt door een verhuurorganisatie, is de eigenaar van de woning degene die ter beschikking stelt. Dit is slechts anders indien de financiële risico's geheel voor rekening van het verhuurorganisatie komen. In die situatie wordt de verhuurorganisatie aangemerkt als degene die de onroerende zaak ter beschikking stelt. afbreken, totstandbrengen, wijzigen en onderhouden van een onroerende zaak een vorm van gebruik is. met betrekking tot een object dat op de peildatum leegstaat met de bedoeling om ter beschikking van de genothebbende krachtens zakelijk recht te blijven, er voor de onroerendezaakbelastingen sprake van gebruik is. De onroerende zaak wordt in een dergelijke situatie door belanghebbende metterdaad gebezigd ter bevrediging van zijn behoeften. het bewust leeghouden van een onroerende zaak voor eigen doeleinden wordt voor de onroerende-zaakbelastingen wordt aangemerkt als gebruik. Wanneer de eigenaar aannemelijk maakt dat hij serieuze pogingen onderneemt om de onroerende zaak te verhuren of te verkopen is er geen sprake van belastbaar gebruik van het de leegstaande onroerende zaak. 3.. Vermindering aanslag OZB-gebuik niet-woning, deels in gebruik als woning Bij de toepassing van de Verordening onroerende-zaakbelastingen 2006 bestaat aanspraak op vermindering van de aanslag van de belasting bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, van deze verordening overeenkomstig het bepaalde in artikel 220f, achtste lid, van de Gemeentewet. Na oplegging van de aanslag OZB-gebruik 2006 wordt op initiatief van de gemeente aan de betreffende belastingplichtigen een verminderingsbeschikking toegezonden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel